Dinsdag 25 februari 2026 verscheen op Me Judice een artikel van Mark Huijben en Jan Herman de Baas over een urgent en herkenbaar vraagstuk: het vereenvoudigen van de overheid. Een opgave die breed wordt gevoeld, maar in de praktijk weerbarstig blijkt.
Vereenvoudigen van de overheid: complex, maar noodzakelijk en mogelijk
Huijben is als lid van het projectteam van de Staat van de Uitvoering betrokken bij Spoor 1: Vereenvoudiging. Het is een van de drie sporen waarin richting wordt gegeven aan het handelingsperspectief in de Staat van de Uitvoering 2026 die november dit jaar verschijnt.
Waarom vereenvoudigen zo moeilijk is
Het artikel laat zien dat de complexiteit van de overheid niet toevallig is ontstaan, maar het gevolg is van drie hardnekkige patronen: verkokering tussen departementen, stapeling van regels en uitzonderingen, en onderlinge afhankelijkheden tussen regelingen.
Drie hardnekkige patronen
- Verkokering
Regelingen zijn per ministerie en domein opgebouwd. Door deze verkokering verschillen steeds de grondslagen, definities en benodigde gegevens. - Stapeling van uitzonderingen
Politieke wensen leiden voortdurend tot verfijningen, reparaties en uitzonderingen voor specifieke groepen. Dat maakt regels lastiger uit te leggen en uit te voeren. - Onderlinge afhankelijkheden
Regels uit het ene stelsel werken door in andere stelsels, waardoor het resultaat onvoorspelbaar is. Kamer, kabinet en ministeries overzien niet meer hoe draaien aan de ene knop om een bepaalde doelgroep te steunen per saldo averechts effect kan hebben.
Juist in het dagelijks leven van burgers komen die systemen samen, met onvoorspelbare uitkomsten, terugvorderingen en onzekerheid tot gevolg. Bekende voorbeelden, zoals het toeslagenstelsel, maken zichtbaar hoe ingewikkeld regelgeving kan uitpakken in de praktijk.
Zes richtingen voor vereenvoudiging
Tegelijkertijd biedt het artikel ook perspectief. Huijben en De Baas schetsen zes concrete principes om regelingen eenvoudiger en beter uitvoerbaar te maken, zoals:
- Salderen en bundelen
Bundel regelingen en stop met ‘geld rondpompen’ tussen burgers en overheidsloketten. - Integreren of echt scheiden
Verschillende stelsels integreren of anders écht onafhankelijk van elkaar maken (met criteria zonder verwijzingen); - Definities uniformeren
Gebruik dezelfde begrippen voor partner, inkomen, vermogen, huishouden, en dezelfde peildata. - Werk met data die er al is
Baseer regelingen op gegevens waar de overheid al over beschikt. - Één portaal en proactieve dienstverlening
Maak één digitaal dienstverleningsportaal voor alle regelingen en verleen diensten proactief; - Stop met voortdurende micro-aanpassingen
Deze principes sluiten nauw aan bij de beweging die de Staat van de Uitvoering inzet: denken vanuit de burger én vanuit de uitvoering. De auteurs schetsen in het artikel twee routes naar vereenvoudiging: een grote herziening en een geleidelijke aanpak.
Van analyse naar handelingsperspectief
De inzichten uit het artikel onderstrepen dat vereenvoudiging niet alleen een inhoudelijke, maar ook een bestuurlijke en politieke opgave is. Vaak is complexiteit fundamenteel verbonden met de tegenstelling tussen beleid en uitvoering. Wat eenvoudig is in de uitvoering, is vaak complex in de politiek, en omgekeerd. Politiek gezien is uitvoerbaarheid van beleid niet de eerste prioriteit.
Het vraagt om het doorbreken van bestaande structuren en het maken van andere keuzes, met meer nadruk op uitvoerbaarheid en begrijpelijkheid. Binnen de Staat van de Uitvoering 2026 wordt dit verder uitgewerkt. In Spoor 1 werken we aan concreet handelingsperspectief om deze beweging van vereenvoudiging daadwerkelijk in gang te zetten.
Benieuwd naar meer?
Benieuwd naar de volledige analyse en uitwerking van de zes principes? Lees het artikel op Me Judice (februari 2026).