Voor de Staat van de Uitvoering ’26 willen we binnen spoor 2 handelingsperspectief formuleren over (het versnellen van) de digitale overheid. Als vertrekpunt zetten we hieronder op een rij wat er speelt. Een uitnodiging om aan te vullen, je mening te geven en suggesties voor concrete oplossingen te doen.
Het vertrekpunt van spoor 2 – Digitale overheid
De centrale vraag binnen dit spoor
Hoe zorgen we dat de digitale overheid daadwerkelijk bijdraagt aan eenvoudige, mensgerichte en proactieve publieke dienstverlening voor burgers en ondernemers?
1. Wat zegt de Staat van de Uitvoering over dit spoor?
De digitale overheid is geen doel op zich, maar een cruciale voorwaarde voor goede publieke dienstverlening. Tegelijk blijft de digitale basis van de overheid versnipperd, complex en onvoldoende samenhangend.
In de praktijk ervaart de burger de overheid niet als één geheel, maar als een verzameling losse organisaties. Mensen moeten steeds opnieuw dezelfde gegevens aanleveren, hun verhaal herhalen en zelf de samenhang zien te vinden. Tegelijk zijn uitvoerders terughoudend in het delen van gegevens. Onduidelijkheid over wat wél kan en mag, leidt tot overmatige voorzichtigheid. Ook van privacyfunctionarissen. Het resultaat: een overheid die zorgvuldig probeert te zijn, maar daardoor juist te vaak te laat of niet in samenhang handelt.
In 2022 hebben we daarom expliciet opgeroepen: Breng gegevensuitwisseling nu echt op gang. Zonder betrouwbare en veilige uitwisseling van gegevens blijft dienstverlening gefragmenteerd, moeten burgers steeds opnieuw informatie aanleveren en blijft proactieve dienstverlening buiten bereik.
In 2024 is dit verder uitgewerkt in bouwstenen voor een moderne digitale overheid, waaronder:
- één overheidsbrede dienstverleningsbeleving;
- gezamenlijke digitale basisvoorzieningen;
- standaardisatie van processen en gegevens;
- centrale regie op IT en architectuur.
De kern: niet méér systemen, maar meer samenhang en gezamenlijke keuzes. In de toekomstspecial van 2025 schetsten we bovendien een dienstverlening die aansluit op de situatie en context van de burger of een bedrijf: mensgericht en proactief. De vragen die we in 2026 willen beantwoorden: Is deze beweging echt ingezet en wat is er nodig om het te versnellen?
2. Waar loopt het vast?
De uitdagingen van de digitale overheid zijn groot. In de kern constateren we het volgende:
- Gegevens worden nog onvoldoende gedeeld. Ondanks brede erkenning blijft gegevensuitwisseling moeizaam. Wettelijke grondslagen ontbreken soms, systemen sluiten niet op elkaar aan en organisaties houden vast aan eigen data en processen.
- Versnippering van systemen en loketten. De overheid bestaat voor burgers en ondernemers nog altijd uit een veelheid aan portalen, regelingen en contactpunten. Integratie aan de voorkant (dienstverlening) én achterkant (systemen en data) blijft achter.
- Te weinig regie en standaardisatie. Er zijn veel initiatieven, maar deze zijn vaak vrijblijvend en organisatiegericht. Overkoepelende keuzes over standaarden, architectuur en voorzieningen blijven uit.
- Optimaliseren in plaats van vernieuwen. Digitalisering richt zich vaak op het verbeteren van bestaande processen, in plaats van het fundamenteel herontwerpen van dienstverlening rond burgers en ondernemers.
- Te veel focus op de techniek in plaats van de veranderopgave. Digitalisering wordt vaak ingevuld als IT-vraagstuk, terwijl het in de kern gaat om anders samenwerken, sturen en organiseren. Zolang die verandervraag niet centraal staat, blijven structurele knelpunten bestaan.
3. Waar zit beweging?
Er gebeurt veel:
- Overheidsorganisaties investeren in digitalisering, data en AI, en verbeteren hun eigen processen.
- Er wordt gewerkt aan een gezamenlijke koers, zoals met de Nederlandse Digitaliseringsstrategie, en aan gezamenlijke voorzieningen.
- Er zijn voorbeelden van automatische toekenning en betere gegevensdeling in specifieke domeinen.
Tegelijkertijd zien we dat:
- initiatieven versnipperd blijven;
- organisatie-overstijgende doorbraken uitblijven;
- structurele knelpunten rond gegevensuitwisseling en samenhang onvoldoende worden opgepakt.
Kortom: de beweging is zichtbaar, maar nog niet krachtig genoeg en lijkt vooral gericht op kleine verbeteringen in plaats van noodzakelijke (fundamentele) veranderingen.
4. Hoe komen we tot handelingsperspectief?
In de Staat van de Uitvoering 2026 willen we niet alleen beschrijven wat er misgaat, maar vooral laten zien hoe de digitale overheid wél kan werken. We bouwen daarbij voort op drie samenhangende lijnen.
- Gegevensuitwisseling als fundament. Wat is er concreet nodig om veilige, betrouwbare en toegankelijke gegevensuitwisseling wél op grote schaal mogelijk te maken? Welke keuzes vraagt dat van politiek, beleid en uitvoering?
- Van versnippering naar één overheid. Hoe komen we tot samenhang in dienstverlening, met één herkenbare overheidsbeleving; minder loketten en meer samenhang; standaardisatie van processen en interacties.
- Van digitalisering naar transformatie. Hoe benutten we technologie (zoals data en AI) niet alleen om processen te optimaliseren, maar om dienstverlening fundamenteel te verbeteren? En hoe organiseren we dat over grenzen van organisaties en domeinen heen? Daarbij gebruiken we de toekomstimpressies uit de Staat ’25 als richtinggevend beeld: proactieve dienstverlening rond levensgebeurtenissen en overzichtelijke en persoonlijke dienstverlening voor ondernemers.
5. Oproep
We willen dit spoor verder brengen met mensen die dagelijks werken aan de digitale overheid. Wil je bijdragen aan dit spoor? Dat kan op de volgende manieren:
- Deel je voorbeelden en zeg wat je vindt. Ken je een situatie waarin regels eenvoudiger zijn geworden, of juist onnodig ingewikkeld bleven? Ben je het eens of oneens met de richting die we inslaan? Mis je iets? Mail naar stvdu@ictu.nl.
- Denk mee als StaatPanellid. We zoeken uitvoerders, beleidsmakers en bestuurders die met regelmaat vragen willen beantwoorden over de publieke dienstverlening. Meld je aan via de website van de Staat van de Uitvoering.
- Kom naar de Dag van de Publieke Dienstverlening. Op 17 juni organiseren we een werksessie over dit spoor: Vereenvoudiging. Een gestructureerd rondetafelgesprek voor professionals uit politiek, beleid én uitvoering.
Meer lezen over de andere Sporen?